Gelukkig op de fiets

Laatst las ik een vrolijkstemmend nieuwsbericht.

Volgens een onderzoek van de Clemson
University in de VS, waren fietsers een stuk gelukkiger dan gebruikers van
andere vervoermiddelen. Fietsers stonden zelfs bovenaan aan de lijst!
Autorijders stonden ergens in het midden, en helemaal onderaan bungelden de bus-
en treinreizigers. Nou ja, dat laatste begrijp ik wel een beetje. Regelmatig als
ik een trein moet halen, gebeurt het dat ik hijgend het perron spurt, om daarna
te constateren dat de trein een ‘onbekende vertraging’ heeft of helemaal niet
komt. Rijdt hij uiteindelijk toch weg, dan sta je met veertig onbekenden innig en
warm tegen elkaar aan op het balkon, als in een vol café. Dat alles is niet
goed voor je geluksgevoel.

Maar ook automobilisten zijn
volgens het onderzoek een stuk ongelukkiger dan fietsers. En dan vooral die
autogebruikers die niet achter het
stuur zitten. Ook dat is te begrijpen. Ik wil het geen trauma noemen, maar ik schrik
regelmatig ’s nachts recht overeind in bed, met dezelfde boze droom. Dan zit ik
weer in die auto van een kennis, die mij jaren geleden ‘even’ thuis zou
brengen. De vrouw had haar rijbewijs ooit per ‘staatsexamen’ gehaald, iets wat
ze me merkwaardigerwijze zomaar uit zichzelf vertelde. Of het precies aan dat
staatsexamen lag weet ik niet, maar het was de dolste autorit die ik ooit mee
heb gemaakt – een rit vol bijna-botsingen, woedend toeterende mede-weggebruikers
en opgestoken middelvingers.

Laat ik het zo zeggen: vergeleken
bij deze autotrip was de Python in de Efteling een knikkebollend saai bejaardenritje.

Maar waardoor zijn fietsers nu gelukkiger?

De keuze voor de tweewieler gebeurt
volgens de onderzoekers ‘bewuster’. Alleen daardoor al zijn fietsers
enthousiaster over hun vervoersmiddel. Daar komt bij, dat een rit op de fiets volgens
het artikel ‘ervaren kan worden als een aerobische oefening’. Als sport zeg
maar. En dat zorgt niet alleen voor een betere conditie, maar ook voor een positiever
gevoel. Jammer voor alle e-bikers, want daar is de oefening natuurlijk iets
minder ‘aerobisch’, en e-bikers worden dus ook iets minder gelukkig van hun
tochtjes.

Niet alleen korte fietsritjes, maar
ook fietsvakanties maken een mens gelukkig.
Een vakantie per fiets hielp volgens het artikel tegen van alles – stress en
hinderlijke verslavingen en weet ik wat – maar ook tegen, en dat vond ik het
allermooiste, ‘de schadelijke invloed van intellectueel beperkte leidinggevenden’.

Daarover zou ik menig verhaal
kunnen vertellen, maar ik moet het hier nu bij laten.

Ik fiets, dus ik ben gelukkig.

 

Klik hier voor de column zoals hij in FietsActief staat