Hang de vlag uit: er is weer een nieuw waarschuwingsbordje bij
in Nederland. Je vindt het bij spoorwegovergangen. Er staat op:
‘Wil je blijven leven, wacht dan even!’
Dit omdat gehaaste mensen soms onder de spoorbomen
doorkruipen of er op hun bromfiets omheen slalommen, om aldus nog net voor de
aanstormende trein over te steken. Bij diegenen met een minder gevoel voor
timing, lukt dit weleens niet. In totaal komt op die manier gemiddeld één
persoon per maand om het leven. Vandaar de bordjes. Even afgezien van het feit dat er honderden doodsoorzaken
zijn, die meer dan één leven per maand vergen (zoals sporten) en geen aandacht
krijgen: hoe zou de NS dit nou voor zich zien? Dat zo’n persoon op zijn
aanjakkerende scooter dat bordje ziet (en leest!) en dan stopt, even over zijn
kin wrijft en zegt:
‘Hey, daar zeg je zo wat. Wil ik blijven leven? Nou, nu je
het vraagt, eigenlijk wel ja. Weet je wat, laat ik voor de zekerheid maar even netjes
wachten, tot die trein voorbij is.’
Ik weet niet hoe u het ziet, maar op één of andere manier
heb ik het gevoel dat zo’n bordje alleen maar gelezen wordt door mensen, die
toch al gestopt waren. Bovendien: als je alle eigen-verantwoordelijkheid-vernietigende veiligheidsmaatregelen
en gezondheidscampagnes ziet, bekruipt mij onderhand vaak de gedachte: mogen we
eigenlijk nog wel ergens aan doodgaan? Ik bedoel, het is leuk dat we straks allemaal honderd
worden, maar zijn we inmiddels niet met voldoende mensen op de wereld?
Gevoed door deze gedachte, besloot ik om me op luchtige
wijze eens wat verder in de materie der overbevolking te verdiepen. Daarom keek
ik van de week eens naar het NCRV-babypromotings-programma ‘babyboom’. Al
binnen een minuut kijken, had ik iets volkomen nieuws geleerd, namelijk dat je
tegenwoordig kennelijk een feest geeft om bekend te maken wat het geslacht van
je aanstaande baby wordt, en dat een dergelijk evenement een babyshower heet. Nog bijkomend van de verbazing ging het al weer verder. De rest
van de uitzending was gevuld met – voor wie het niet gewend is, zoals ik –
nogal verbijsterend beeldmateriaal. Het waren eigenlijk vooral dingen die je
niet wilt zien: op hun zij liggende mastodonten van vrouwen, die hijgend
woordjes stamelden en duidelijk in barensnood verkeerden, vrouwen met blote,
ingevette buiken die een echo lieten maken en die ondertussen aan hun zoontje
van vier verklaarden ‘dat papa en mama een baby’tje aan het maken waren’ en verder
bijvoorbeeld een zeer onnozel ogende aanstaande vader, die met een kinderwagen
met daarin een huilende pop, door de supermarkt liep. Om te oefenen. Nee, ik
verzin het niet.
Toen het programma afgelopen was (ik voelde me alsof ik er
meerdere eonen naar had moeten kijken, terwijl het slechts 49 minuten waren in
werkelijkheid) dacht ik aan een krantenbericht dat ik laatst zeg. Het luidde: binnenkort
zijn er zeven miljard mensen op aarde. Nu zijn getallen boven de honderd altijd moeilijk te
bevatten voor mij, maar er worden schijnbaar elke dag zo’n 350.000 kinderen
geboren. (350.000 babyshowers per dag!
Interessant.) Een hoeveelheid ter grootte van half Rotterdam dus. Of dat veel
is, blijft natuurlijk persoonlijk, maar het lijkt mij gevoelsmatig wel
voldoende.
En toen dacht ik ineens: misschien moeten we die nieuwe NS-bordjes
maar weer weghalen.