‘Heb je de nabespreking nog gezien bij Matthijs van Nieuwkerk?’
Hij kijkt me vragend aan.
‘Nee, niet gezien’ antwoord ik.
Ik zit met de buurman aan de koffie. Doen we al jaren af en toe. De buurman is 75 en zijn eigen kinderen ziet hij niet zoveel, dus wat gezelligheid gaat er wel in bij hem.
Gespreksonderwerp deze ochtend is Boer zoekt Vrouw. Tot mijn verrassing blijkt hij dat te kijken.
‘Die Annemarie hè? Weet je wat ze over haar zeiden in die nazit?’ vervolgt hij.
‘Nou?’
Hij roert even in de koffie.
‘Dat het tijd werd dat ze uit de kast kwam. Dat ze eigenlijk een vrouw zoekt.’ Aan zijn gezicht is te zien dat hij die mening deelt.
‘O, zeiden ze dat?’ antwoord ik. ‘Tja, ik weet er niet zoveel van eigenlijk, want ik ben geen lid van die partij. Maar ze is 35. Dan weet je toch wel of je homo of hetero bent?’
De buurman kijkt me een paar seconden aan en zegt dan:
‘Nou, bij mij heeft het ook heel lang geduurd hoor!’
En dan is het stil. Hele rijen met kwartjes vallen ineens op hun plaats. De buurman is homo. Ik zit hier met een ouwe nicht. Hoe kan het dat ik dit nooit eerder gezien heb?
Ik neem een slok koffie en staar hem aan. Wat moet ik zeggen? Hij is even stil en zegt dan:
‘Nu je dit weet Gijs…wat ik heel fijn zou vinden…’
O jee.
‘Dat is?’ vraag ik.
‘Dat onze vriendschap niet verandert nu je dit weet. Dat we gewoon vrienden blijven, net als nu.’
‘Tuurlijk,’ zeg ik. ‘Maak je geen zorgen. Alles blijft hetzelfde.’
Hij kijkt opgelucht. Allebei zijn we opgelucht. Maar om verschillende redenen.